Archives for category: portret

Tijdens een bezoek aan het Chasse in Breda werd ik verrast door het mooie werk van Johanna Schweizer.
Haar gehaakte, soms mansgrootte mythische wezens hangen daar naakt aan de muren.
Vreemde wezens, vreemde kleuren. Graag wil ik ze in de ogen kijken.
Jammergenoeg hangen ze daar te hoog voor.

 

Ze zijn nog te zien t/m 20 maart 2019.

 

Advertenties

Vorig weekend waren de Handwerk en Quiltdagen in de Brabanthallen in Den Bosch.
Met gemengde gevoelens ging ik daar naar toe om mijn textiele werken te laten zien. Ik wist niet wat ik kon verwachten. Ik heb verrassend leuke dagen gehad, leuke contacten opgedaan, mooie textiele kunstwerken gezien en fijne complimenten gehad.

In een deel van de hal waren stands met verkoop van allerlei textiele materialen. Sommige stands gaven ook workshops zodat je de materialen uit kon proberen.
In een ander deel van de hal was een mooie tentoonstelling ingericht van textielkunstenaars.
De ingezonden werken voor de textielwedstrijd werden uitgebreid gepresenteerd in weer een ander deel van de hal.
Ik heb mijn ogen uitgekeken, naar alle textiele materialen en kunstwerken maar ook naar alle mensen.

Deze foto geeft een kleine indruk van de de kunstwerken die ingeleverd zijn voor de textielwedstrijd.
Ook mijn schaal staat er tussen. Helaas was mijn inzending niet de beste. De diversiteit van de inzendingen was heel groot.

 

In het tentoonstellingsgedeelte zag ik deze kleine portretjes van Lia de Jonghe. Ik ben er helemaal van onder de indruk. Ik vind ze krachtig, indrukwekkend, levendig, mooi!!

Dit filmpje is een kort overzicht van bijna twee jaar zelfportretten schilderen.
Ik heb mezelf de vraag gesteld hoe ik mezelf kan schilderen puur vanuit mijn emotie.
Het was een bijzondere proces waar ik zelf van genoten heb.


‘Ik droeg nog kleine kleeren, en ik lag
Lang-uit met moeder in de warme hei,
De wolken schoven boven ons voorbij
En moeder vroeg wat ‘k in de wolken zag’
(Martinus Nijhoff)

In de verte van mijn herinneringen dwaalt ze door mijn gedachten.
In mijn verbeelding heb ik haar altijd gekend.
In de voorbijschuivende wolken die prachtige wolvinnen werden herkende ik haar gezicht.
Schuilend onder het afdak van een tijd waarin alles zo anders had kunnen zijn, voelde ik haar koele huid.
Ik was haar welp en verlangde naar haar armen.
Niemand wist haar te vinden.

Tot, wat nog van haar leven restte, onverhoeds de sporen van een verloren strijd rondstrooide.
Rekeningen moesten vereffend worden, op slag kon men verbanden leggen.
De dramatiek van het lot overspoelde mij, de ontbering leed rechtstreeks schipbreuk in het aquarel van mijn naakte kinderogen; ze was zo mooi en kwetsbaar als een flirtende engel.

In haar laatste jaren zocht ik wanhopig naar sleutels van de liefde. Het bleef bij rode rozen, een geurkaars op haar nachttafeltje en wat bloemenkussens op haar bed. Aan haar wand hing ik wolkenvelden, maar van mij wist ze niets meer.

Vandaag sluit ik de deur van het sanatorium voor het laatst. Met aan mijn hand haar leven in een hemelsblauwe koffer. Ik loop de zevende maand van het jaar in. De lucht is drukkend zwaar. Aan het klamme park kleven de gefnuikte wolken die mijn wolvinnen de vaardigheid van het jagen ontnamen.
Ik blijf staan en voor het eerst sinds jaren kijk ik weer omhoog.

Waar vergat je mij?

Ik val op mijn knieën en onder voortdrijvende wonderen open ik met bevende vingers de sloten van de koffer. Wolvinnenmelk klotst blauwwit op. De sloten branden in mijn handen door het verbreken van haar levensbanden. De energie die vrijkomt is als een lichtexplosie. Kleuren, die mij plagerig kussen, spelen tikkertje voordat zij verdwijnen in het druppende wolkendek. Ik kan mij nog even koesteren in haar warmte.

Op de melk drijft een engeltje. Ik vis haar eruit en lik haar schoon.  Haar gazen vleugeltjes trillen na als zij tegen mij begint te praten.

‘Kindlief, ik heb van je gehouden, je was mijn oudste. Iedere nacht kwam ik bij je langs en streek over je gouden haren. Mijn lendenen werden jachtig na jou te hebben gedragen en ik ging de verre wolken achterna. Ik kende mannen op mijn reis die ik meer dan anderen beminde. Jouw broers en zussen liet ik bij hen achter. Ik baarde zeven kinderen; ze zijn van parelmoer of albastzwart.  Naarmate ik ouder werd, verloor ik mijn vaardigheden en keerde terug naar de wieg van mijn eerstgeborene. Met jou is alles begonnen. Huil niet mijn kind, ik ga je slechts voor.’

Mijn ogen zoeken naar madeliefjes op lange steeltjes. Mijn vingers plukken ze, rijgen ze aaneen. Mijn handen leggen de bloemenslinger op haar wit geworden gezichtje
De wolken lossen op. De nacht is daar. De maand draagt een negen in haar getal, de boomkalender toont de hazelaar. Wellustig pionier en vruchtbaar minnaar.
Eindelijk sla ik de koffer dicht. Mijn tranen zijn gedroogd.

De elfen – mooier dan de zon of donkerder dan pek – zitten veilig in mijn herinnering. De wolven jagen rustig en moeder spreekt mij fluisterend toe in de luwte van mijn gedachten.
Ik snij een toverstaf zoals de Kelten deden en voel aan het rijpen van de hazelnoten dat ook voor mij de herfst zal komen.

Zelfs in de nacht kijk ik nu vol verwachting naar boven en in het beeld van Virgo zoek ik Porrima, de dubbelster die zich verenigt om zich weer cyclisch te scheiden. Dat is precies wat moeders doen en ik besef dat samen met hun vrucht, ook het afscheid wordt geboren.

Tegen de ochtend zullen de wolken weer gaan jagen, liggen nieuwe einders in het verschiet.
Op een wit gezichtje zullen madeliefjes bloeien en alleen ik zal weten wat Blodeuwedd in de wolken zag.
Ik heb haar, bij het afscheid, voor eeuwig in een metafoor gesloten.

Het mysterie van het leven is een moeders idioom, alleen wij weten wanneer onze dochters paren.
Maagd, moeder, dochter, onze drievuldigheid is een heilige spiraal. Wij alleen kunnen dat geluk ervaren; de pijn van het onvolprezen baren en het voor altijd met elkaar verbonden zijn.

De mystiek die mijn moeder achterliet, is niet in koffers te bewaren.

Geschreven door Mili van Veegh, Elyse van der Roer, Johan Redant.
Trots, ik mocht de illustratie maken.
Uitgeverij Ambilicious

Dit portret van Hendrik Werkman is in 1925 geschilderd door Jan Altink.
Ik heb het portret afgelopen weekend gezien in het Gronings Museum.


Hendrik staat op een bijzondere plaats in het vlak.


Heb ik mijzelf ook een bijzondere plek in het vlak gegeven?

 

In 1999 heeft Philip Akkermans zelfportret Nr. 120 gemaakt met pen in zwarte inkt, gezien in het Teylersmuseum in Haarlem.


Hieronder een zelfportret van mij gemaakt met pen en zwarte inkt op een ondergrond van acryl verf.

Zou mijn 120ste zelfportret ook zo levendig worden?

 

 KUNSTENMAKERS 


exposeren in de Nieuwe Veste Breda van 01-09-2017 tot 01-10-2017.
Open van maandag t/m vrijdag van 9.00 uur t/m 21.00 uur.
Zaterdag van 9.00 uur t/m 17.00 uur.

Nanda Ettes
Judith Zijtregtop
Tineke Breemer
Marie-Louise Dielissen
Ina Blom
Joost Bertels
Christine D’Haemer
Renee Jonkers
Jopie Gelissen

Ik heb een heerlijke vakantie gehad in Madeira. Een mooi bloemeneiland waar ik verrassende deuren tegenkwam.

http://www.arteportasabertas.com

op 10 en 11 juni 2017, van 12.00 uur -17.00 uur aan de  Annevillelaan 214 Ulvenhout.

 

exposeer ik samen met Renée Jonkers.


Haar schilderijen zijn uitbundig van kleur en vorm.
Ze combineert abstract met dierlijke vormen.


Op zondag 11 juni komt popkoor Joy uit Ulvenhout zingen.

Wat ga ik exposeren?  Kom gewoon kijken!
Start de kunstroute bij ons omdat de Annevillelaan 214 net buiten het dorp ligt en omdat we voldoende informatiefolders voor jullie hebben.